Pop-up

  Posted on   by   Geen reacties

Een eigen restaurant? Ik heb er jarenlang stilletjes van gedroomd, en velen met mij. Maar het komt er niet van. Het ontbreekt je aan zelfvertrouwen en geld. En je ziet een eindeloze meute brullende beren op de weg.

Er zijn genoeg televisieprogramma’s die je leren hoe je moet bakken, tuinieren en klussen. Tot mijn groot plezier is er ook een voor het opzetten van je eigen restaurant. ‘Mijn pop-up restaurant’ heet de Vlaamse serie, die al jaren draait op de zender 24 Kitchen. De huidige reeks afleveringen loopt nog tot eind van de week, elke avond om 10 uur, met herhalingen overdag.

Gaat dat zien! Al die foodprogramma’s die Nederlandse zenders de afgelopen maand over ons hebben uitgestort, steken er bleekjes bij af.

Je kunt je als kandidaat voor het Pop-upprogramma opgeven met een vriend(in), familielid of collega. Elk koppel moet een formule indienen: een format, een concept. Een jury selecteert acht koppels. Twee vallen er al snel af. Voor elk van de overige zes koppels stampt de televisiezender in een oogwenk een pop-up restaurant uit de grond. Een soort veredelde strandtent, maar dan in een stad. In jaargang 2017 staan er drie in Antwerpen en drie in Kortrijk.

Wat moet je verstaan onder ‘formule’? In de lopende reeks stelt één koppel het varken centraal, een ander groente (tot en met schorsenerenijs: geen succes). Een derde zweert bij de barbecue, een vierde serveert alleen maar gevulde gerechtjes, voortbordurend op de aloude gevulde paprika. Een vijfde modelleert zijn gerechten naar doeken van beroemde schilders (te ambitieus).

De jury toetst bij elk bezoek aan het restaurant of de formule terugkeert op het voorgeschotelde bord. Het vrouwelijk lid is wel gecharmeerd van groentedrankjes en andere moderniteiten. Een tweede lid is Gert, bekend van hond Samson, een mediamagnaat. Hij houdt van vlees en vindt de rest algauw flauwekul.

Maar de ster van de show is Sergio Herman, de Zeeuws-Vlaamse chef die in Michelinsterren grossiert. Hij past goed in Vlaanderen, onze Sergio, al noemen de Belgen hem af en toe Hollander, omdat hij spreekt van oliebol in plaats van smoutebol, en onverbloemd kritiek geeft. Sergio proeft aan tafel, loopt tot ontsteltenis van de kandidaten de keuken in, vouwt zijn armen over de borst en zegt: “Er is hier nog heel wat werk aan de winkel”. Al het barbecuevlees was te droog (“Geen wonder als je het hier onder de warmtelamp laat staan”). Het groenterestaurant serveerde een bord met een homp pastinaken: “Meer is niet beter. Niemand kan zo’n berg groente aan. Maak er blokjes van. Kruid ze beter en inventiever. Schenk er een lekkere vinaigrette bij”.  En zo gaat dat maar door, Sergio debiteert de ene na de andere gouden tip. Eigenlijk is dit programma De Grote Sergio Herman Show.

Wat mij ook als een blok doet vallen voor deze serie, is de warm-menselijke toon. Sergio wandelt de keuken in van de varkensdames. De kok, een kundige slagersdochter, verschiet van kleur en draait hem verlegen de rug toe. “Ik krijg altijd opvliegers als ik jou zie”, bekent ze. Aan het eind van de aflevering krijgen de varkensdames een ster voor beste tussentijdse prestatie. Sergio is emotioneel en meevoelend. Hij is kok en restaurantmanager. En hij is psycholoog. Hij merkt op als een kandidaat het hoofd laat hangen. Hij ziet dat de barbecuemannen tien kilo aan gewicht hebben verloren door slaapgebrek (deel van hun formule: langzaam gegaard vlees; je moet al bij het krieken van de ochtend op je post zijn). Hij ziet de blossen op de wangen, de spanningen tussen een koppel en een van buiten aangetrokken macho souschef.

Och, Sergio, neem ons bij de hand. Welke Nederlandse omroep durft deze serie te programmeren? We hebben ook De slimste mens van de Vlamingen overgenomen. Succes is verzekerd.


Author: Annelene van Eijndhoven

Annelène behaalde het diëtistendiploma in Nijmegen. Zij gaf in Brabant jarenlang kookcursussen en les in menu- en receptenleer aan instellingskoks. In Rosmalen kookte zij voor de buurt in een boerderij en zij richtte er een natuurvoedingswinkel op.
In de jaren tachtig trok Annelène naar Den Haag, waar ze als kok werkte bij Henk Savelberg in het sterrenrestaurant Seinpost. In 1986 won zij de Gouden Servetring in een landelijke kookwedstrijd. Sindsdien schrijft zij recepten voor tijdschriften, (Libelle, Margriet) supermarkten (o.a. Albert Heijn) en kookboekjes en cursussen voor het Nederlands Zuivelbureau. Tot haar publicaties hoort het basiskookboek KOOKOOK (samen met oa. José van Mil ). Ook schreef zij, met collega’s, 22 jaar lang recepten voor NRC Handelsblad, die voor een deel gebundeld zijn in de vijfdelige reeks NRC kookboeken. Nog steeds kookt zij graag en vaak, onder meer als chef bij Les Amis de Cuisine in Den Haag.